Euro als veilige haven voor Oost-Europa en de Balkan
Een op de vijf eurobankbiljetten circuleert buiten de eurozone.
Zo hebben Montenegro en Kosovo op eigen houtje de euro als officiële munt ingevoerd. In Bosnië-Herzegovina worden de euro en de Bosnische mark door elkaar gebruikt.
In december vorig jaar circuleerde bijna 100 miljard euro buiten de eurozone, vooral in de landen in Oost- en Zuidoost-Europa. Dat was ruim 20 miljard euro meer dan eind 2007 en komt overeen met bijna 20 procent van alle gedrukte eurobankbiljetten. Dat is te lezen in een rapport van de Europese Centrale Bank (ECB) over het gebruik van de euro buiten de eurozone.
Fors meer Europeanen van buiten de eurozone houden hun spaarcenten in euro’s aan, een teken van vertrouwen in de munt. Dat doen ze zowel in contanten als bij sparen bij de bank. Zo luidt meer dan de helft van de spaarrekeningen in Kroatië in euro’s. De euro lijkt tot op zeker hoogte een veilige haven te zijn, aldus de ECB.
Wat voor de centrale bank zorgwekkend is, is dat de inwoners van dezelfde landen ook steeds vaker lenen in euro’s om te profiteren van lagere rentes. Dat is in de voorgaande jaren ook gebeurd, wat in landen als Hongarije, Polen en Letland tot grote problemen heeft geleid.
Regionale munten komen eraan
Wordt de wereld in 2050 verdeeld tussen de euro, de afro, de latino, de aziato en de amero?
Bij het lezen van het meest recente nummer van het weekblad
The Economist viel mijn oog op een kleine advertentie. De advertentie was afkomstig van de Afrikaanse Unie en riep geïnteresseerde op een voorstel te doen voor een onderzoek naar de vraag hoe een
Afrikaanse Centrale Bank op te richten en vorm te geven.
In 1991 spraken de Afrikaanse landen af dat een gezamenlijke centrale bank en een gemeenschappelijke munt in 2028 gerealiseerd moest zijn. Op een topontmoeting in 1999 besloten ze de deadline naar voren te halen. Het nieuwe streefjaar is 2020. De munt die dan in omloop komt zal de afro heten.
Egypte, Swaziland en Lesotho pleiten ervoor de deadline enkele jaren terug te zetten. De Kaapverdische eilanden en Seychellen willen proberen tegen die tijd de
euro in te voeren.
Enkele Afrikaanse landen zullen daarvoor nog proberen een gezamenlijke munt te introduceren. Zo wil een aantal landen in West-Afrika, onder meer Nigeria, de
eco invoeren in 2015. Oorspronkelijk was het de bedoeling die munt in 2009 in te voeren, maar dat bleek niet haalbaar te zijn. Ook in het Oosten van het continent zijn er plannen voor een gezamenlijke munt. Beide moeten in 2020 weer opgaan in de afro.
Ook buiten Afrika zijn veel regio’s jaloers op wat Europa heeft bereikt met de monetaire unie en de euro.
In Latijns-Amerika dromen sommige leiders van een Latijns-Amerikaanse euro in 2020.
Pal erboven, in Midden-Amerika, bestaan er sinds kort soortgelijke plannen. Op hun ontmoeting begin december 2008 spraken de leiders van Honduras, de Dominicaanse Republiek, El Salvador, Panama, Belize, Costa Rica, Guatemala en Nicaragua af binnen afzienbare tijd een gezamenlijke munt te willen invoeren, om die landen beter te beschermen tegen economische crises.
De financiële crisis die in 1997 en 1998 in Azië huis hield en de introductie van de euro in 1999 ontketende een debat in Azië over de eigen economische toekomst. Al snel werd het idee voor een Aziatische monetaire unie gelanceerd.
In 2006 kwamen de vertegenwoordigers van de zogeheten ASEAN + 3, dat zijn de Filipijnen, Indonesië, Maleisië, Singapore, Thailand, Brunei, Myanmar, Cambodja, Laos en Vietnam aangevuld met China, Japan en Zuid-Korea, overeen een werkgroep te vormen die mogelijkheden moet onderzoeken voor de oprichting van een regionale munt.
Ook de Golfstaten in het Midden-Oosten willen één munt, de khaleeji (betekent ‘van de golf’) invoeren. Onlangs kreeg dat project een
serieuze tegenslag toen de Verenigde Arabische Emiraten plotseling bekend maakten zich uit de muntunie te trekken.
Zweden wil opnieuw stemmen over de euro
Een nipte meerderheid van de Zweden, 51 procent, is voor het houden van een nieuw referendum met de vraag of het Scandinavische land wel of niet de euro moet invoeren. Dat meldt de
online krant thelocal.se op basis van een artikel in de Zweedse krant Dagens Nyheter.
In 2003 stemde 56 procent van de Zweden tegen de invoering van de euro. 42 Procent kruiste het ‘voor’-hokje aan. In sommige delen van Zweden was de meerderheid wel voor de invoering en heeft sinds begin dit jaar het heft in eigen handen genomen (scrol naar beneden en lees het artikel 'Zweden toch aan de euro').
De jonge Zweden, in de leeftijd tussen 16 en 29, voelen veel meer voor de euro dan hun oudere landgenoten. 56 procent van de Zweedse krona wel inruilen voor de euro.
Drie van de vier ondervraagden vindt dat een nieuwe volksraadpleging binnen twee jaar gehouden moet worden.
IJsland roert zich ook
De nieuwe IJslandse regering zal waarschijnlijk binnen enkele maanden het verzoek indienen lid te mogen worden van de Europese Unie. Volgens
Johanna Sigurdardottir, de nieuwe minister-president, zou het vooruitzicht op het lidmaatschap van de EU en de eurozone IJsland goed zijn voor de koers van de IJslandse krona en de rente omlaag drukken. Ook zou het helpen een herhaling van grote beleidsfouten te voorkomen.
De IJslandse banken zijn in de loop de jaren te groot geworden voor het kleine land en toen de banken omvielen sleepten ze de IJslandse economie met zich mee de diepte in. De werkloosheid steeg van circa 1 procent naar 9,1 procent. De IJslandse krona verloor tientallen procenten in waarde. De IJslandse economie zal dit jaar met 11 procent krimpen, voorspelt de centrale bank in Reykjavik.
De Europese Unie verwelkomt het IJslandse aanvraag. We zijn ‘mentaal voorbereid’, aldus Olli rehn, eurocommissaris verantwoordelijk voor uitbreiding. ‘Als we de toetreding tot de EU vergelijken met een marathon dan heeft Ijsland 40 van de 42 kilometer al afgelegd en hoeven de onderhandelingen niet lang te duren’, aldus Rehn.
Dat was een lastig onderwerp, omdat alle landen wel iets voelden om de centrale bank te huisvesten. Vooral Dubai, dat ernaar streeft een belangrijke financiële centrum te worden, wilde dat graag. Onmiddellijk kwamen er protesten uit de Verenigde Arabische Emiraten. Alle criteria wijzen erop dat de centrale bank in Dubai of Abu Dhabi moet komen, aldus Dr. Nasser Saidi, hoofdeconoom van het Dubai International Financial Centre. “Zowel Abu Dhabi als Dubai zijn veel meer verbonden met de rest van de wereld en veel opener dan Riyad.”
De gezamenlijke centrale bank zal zorg dragen voor stabiliteit wanneer de vijf landen één munt invoeren. De bedoeling was dat de khaleeji, zoals de munt naar verluidt zal heten, volgend jaar het daglicht zou zien. Dat bleek onhaalbaar te zijn. De ‘Arabische euro’ zal enkele jaren later dan gepland de vijf nationale munten vervangen. Het Economist Intelligence Unit voorspelde onlangs in een rapport dat de khaleeji in 2020 een feit zal zijn. De rol van de dollar in de wereldeconomie zal afnemen, aldus het EUI.
Het project van de Arabische euro heeft verschillende tegenslagen gekend. Zo besloot Oman in 2007 plotseling niet mee te doen. Koeweit koppelde zijn dinar los van de dollar. Dat was een breuk voor de regio waar alle munten al decennia vastgeklonken zijn aan de Amerikaanse munt. Die koppeling berokkent de landen steeds meer schade toe (omdat een zwakke dollar voor hoge inflatie zorgt), wat een belangrijke reden is voor de pogingen een muntunie op te richten. Analisten voorspellen dat het toekomstige Arabische geld niet meer uitsluitend aan de dollar gekoppeld zal worden, maar aan een mandje met valuta’s, waaronder de euro.